|
Start Uitgaanstips Paas-ontbijt Eieren zoeken Achtergrond Paasvakantie Links
| |
Christendom
In de christelijke traditie is het paasfeest of Pasen het belangrijkste
liturgische feest. Op Goede Vrijdag, de vrijdag voor Pasen, herdenken Christenen
het lijden en de kruisdood van Jezus Christus en met Pasen vieren zij zijn
opstanding, ook wel 'verrijzenis' genoemd, uit de dood. Pasen behoort daarmee
tot de traditie van de zoenoffers, de verhalen, die draaien om de noodzaak van
de dood voor het leven, de verzoening met het goddelijke en de spirituele
ontwikkeling van de eigen ziel door beproeving.
Pasen kan ook de periode van het kerkelijke jaar vanaf het paasfeest tot aan
Pinksteren aanduiden. Deze periode duurt vijftig dagen. De periode van het
Paasfeest tot Hemelvaartsdag duurt veertig dagen.
Met de christelijke viering wordt evenals met de joodse viering, de uittocht
herdacht, zij het metaforisch vanuit het werk van God in en door de persoon
Jezus Christus, door christenen erkend als de Zoon van God, de beloofde Messias,
de Verlosser. Hij wordt in het Nieuwe Testament het paaslam genoemd, dat
zichzelf vrijwillig liet offeren voor de verzoening van God met de mensen. Dit
duidt op de symbolische betekenis van het offerlam, wat volgens de Mozaïsche
voorschriften (Oude Testament, Pentateuch) en de tradities van de joodse
godsdienst geofferd moest worden ter vergeving van zonden. Met de voorstelling
van Jezus als het eeuwige paaslam werd in geestelijke zin een 'nieuw verbond'
tussen God en mens aangeboden, gebaseerd op de genade, waarmee het oude verbond,
gebaseerd op de wet, buiten werking kon worden gesteld. Wie in Hem gelooft,
hoeft volgens de christelijke traditie niet meer 'onder de wet' te leven, maar
valt 'onder de genade'. Deze begrippen en de verhoudingen tussen het een en
ander zijn in onder meer de brieven van de apostel Paulus nader uitgewerkt.
Met het paasfeest wordt ook uitgezien naar de verwachte wederkomst van Jezus
Christus op aarde.
De gebeurtenissen
De belangrijkste bron voor het nagaan van de gebeurtenissen rond lijden, sterven
en opstanding van Jezus is de Bijbel, met name de vier evangeliën in het Nieuwe
Testament. In Matteüs 26 -27, Marcus 14-15, Lucas 22-23 en Johannes 18-19 wordt
deze geschiedenis beschreven.
Ontwikkeling van het christelijke paasfeest
Pesach
De oorsprong van het christelijke paasfeest ligt in de joodse traditie. Het
joodse Pesach (in de christelijk liturgie Pascha) is nauw verbonden met de
uittocht uit Egypte, de Exodus. De viering en herdenking hiervan werd volgens
het Bijbelboek Exodus de avond voor de uittocht ingesteld en is de eeuwen door
in verschillende vormen bewaard gebleven. Inherent is de gedenking van de grote
daden van God aan het volk Israël. Hierin ligt het idee van 'bevrijding'
besloten. Dit geldt ook voor het christelijke paasfeest, zij het vanuit een
andere invalshoek.
Jezus' tijd
In de tijd van Jezus was het Pascha, naast het pinksterfeest en het
Loofhuttenfeest een van de drie belangrijke pelgrimsfeesten. Het was nauw
verbonden met het Massotfeest; beide werden in feite als één feest gevierd. Van
heinde en ver kwamen de mensen naar de tempel in Jeruzalem. De betekenis was nog
altijd: herdenking van de bevrijding uit Egypte en hoop op de komende verlossing
door de beloofde Messias.
Zeer waarschijnlijk was het laatste avondmaal van Jezus en zijn volgelingen, de
discipelen, een Pesachviering. Het voldeed volgens de evangelieverhalen in elk
geval aan belangrijke voorschriften en tradities van het Pesach. Men trof de
voorgeschreven voorbereidingen de avond ervoor, de viering vond plaats in
Jeruzalem na 19.00 uur, er werd wijn gedronken, brood gegeten en een loflied
gezongen, het Hallel. De vereiste kruiden en het woord 'ongezuurd' (brood)
worden niet genoemd, maar dat kan komen doordat de evangelieschrijvers niet per
se volledig pretendeerden te zijn en men zich bij de verslagen kennelijk
concentreerde op wat men voor de eerste christenen van die tijd van belang vond.
De eerste christenen
Ook de eerste christenen, waarvan de meesten Joden waren, bleven aan de joodse
feesten deelnemen, ook aan het Pesach. Gaandeweg werd het voor de christenen een
tijd van vooral vasten ter herdenking van Christus' lijden, en een nachtwake.
Later is een scheiding tussen de feesten gekomen, alleen al door het instellen
van verschillende data voor Pesach en Pasen (zie onder). De Quartodecimanen
hielden vast aan de oude manier van vaststellen van het paasfeest en werden
daarom door de paus geëxcommuniceerd.
313 t/m de Middeleeuwen
Na 313, het jaar van de zogeheten 'kerkvrede', kreeg het paasfeest een ander
aanzien. Toen werd het liturgische Triduum Sacrum ingevoerd:
* Witte Donderdag (instelling van de Eucharistie en het priesterschap, begin van
het lijden van Christus)
* Goede Vrijdag (lijden en sterven)
* Stille Zaterdag of Paaszaterdag (grafrust)
* Paaszondag (opstanding)
Na de Middeleeuwen
Paaszondag in Portugal: de "compasso" gaat met een kruis, versierd met
bloemen, de katholieke huizen van het dorp langsVan de Middeleeuwen tot
halverwege de 20e eeuw werd de paaszondag min of meer apart gezien van de
overige paasdagen. Het Tweede Vaticaans Concilie herstelde de liturgische
eenheid van het Triduum. Ook hersteld is de Paaswake, die in de nacht van
zaterdag op zondag gehouden wordt. Deze was in de reformatorische traditie
vrijwel onbekend, maar wordt de laatste decennia her en der gevierd, ook in
evangelische- en Pinksterkringen.
De Rooms-Katholieke Kerk kent de traditie van de Kruisweg, een uitbeelding van
de lijdensgang van Christus. Tijdens de paasdagen worden, met name in de
Rooms-Katholieke streken, passiespelen uitgevoerd. Het bijwonen van uitvoeringen
van passiemuziek van met name Bach is bij gelovigen, en overigens ook bij
niet-gelovigen, een populaire vorm van paasviering.
Ook het Carnaval, Aswoensdag, de Vastentijd en Palmpasen zijn vanouds
voorbereidingen voor de paasviering. In het Twentse stadje Ootmarsum wordt Pasen
uitbundig gevierd met een optocht met zang door de "poaskearls", het zgn. "Vlöggeln".
(bron: wikipedia)
|